Case note: ECLI:NL:RVS:2014:62 (Judiciële lus - Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier): JM 2014/44

Research output: Contribution to journalCase note

137 Downloads (Pure)

Abstract

Het college van dijkgraaf en hoogheemraden van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier heeft het verzoek van appellant om handhavend op te treden tegen het Hoogheemraadschap afgewezen. Het verzoek was er onder meer op gericht dat het Hoogheemraadschap zou worden gelast de watergang Kil/Ringsloot wat de breedte betreft in overeenstemming te brengen met de legger. Ter zitting bij de Afdeling bestuursrechtspraak blijkt dat de legger, anders dan waarvan het college in het besluit van 13 maart 2012 is uitgegaan, niet van toepassing is op de watergang. Het besluit van 13 maart 2012 is derhalve in strijd met artikel 3:2 Awb niet met de vereiste zorgvuldigheid voorbereid en berust in strijd met artikel 7:12, eerste lid, Awb niet op een deugdelijke motivering. De rechtbank heeft dit niet onderkend. Het hoger beroep is gegrond. De aangevallen uitspraak dient te worden vernietigd. Doende hetgeen de rechtbank zou behoren te doen, zal de Afdeling het beroep tegen het besluit van 13 maart 2012 alsnog gegrond verklaren en het besluit wegens strijd met artikel 3:2 en artikel 7:12, eerste lid, Awb vernietigen. Met het oog op een efficiënte afdoening van het geschil ziet de Afdeling tevens aanleiding om met toepassing van artikel 8:113, tweede lid, van de Awb te bepalen dat tegen het door het college te nemen nieuwe besluit op bezwaar slechts bij de Afdeling beroep kan worden ingesteld.
Original languageEnglish
Article numberJM 2014/44
JournalJurisprudentie Milieurecht
Volume2014
Issue number4
Publication statusPublished - 2014

Court cases

CourtRaad van State
Date of judgement15/01/2014
ECLI IDECLI:NL:RVS:2014:62
Case number4

Cite this