Kennis delen en zorg verbeteren met zorgpad Grote Vaten Vasculitis

Pers / media: Activiteiten met een maatschappelijk belangPopular

Description

Zorgpad grote vaten vasculitis UMCG en samenwerking met AMC

Periode1-okt-2017

Mediabijdrages

1

Mediabijdrages

  • TitelKennis delen en zorg verbeteren met zorgpad
    Media naam/outletMedidact reumatologie nummer 3
    Land/RegioNetherlands
    Release datum01/10/2017
    BeschrijvingHet AMC, UMC Groningen en UMC Utrecht zijn de eerste drie centra in Nederland
    die zijn erkend als expertisecentrum vasculitis. Het ontwikkelen van zorgpaden
    is een van de doelstellingen van de expertisecentra. Dr. E. (Liesbeth) Brouwer uit
    Groningen en dr. L.T. (Lot) Burgemeister en dr. A.E. (Liesbeth) Hak uit Amsterdam
    vertellen over het hoe en waarom van het zorgpad Grote Vaten Vasculitis. “Het doel
    is consensus: alle neuzen dezelfde kant op.”
    Naar goed wetenschappelijk gebruik moet
    het besprokene eerst gedefinieerd worden.
    Een zorgpad is, aldus Burgemeister, “een complexe
    interventie om de gemeenschappelijke
    besluitvorming en organisatie van zorgprocessen
    te verwezenlijken voor een specifieke
    groep van patiënten gedurende een gedefinieerd
    tijdskader”. Of, iets korter en minder
    formeel: “Een beslismodel om de routing van
    patiënten door het zorgproces te standaardiseren”.
    In Amsterdam en Groningen vertonen de
    respectieve zorgpaden vasculitis zorginhoudelijk
    grote overeenkomsten; de verschillen zijn
    vooral van logistieke aard. Over het voornaamste
    doel van een zorgpad als dit zijn de drie
    artsen het zeer eens: de kwaliteit van de zorg
    rond vasculitis (verder) verbeteren.
    Beschrijving state of the art
    Burgemeister is een jaar gedetacheerd vanuit
    centrum Reade naar het AMC voor een innovatieproject;
    het helpen ontwikkelen van het
    zorgpad vasculitis is een van haar taken. Hak
    is internist-klinisch immunoloog in het AMC,
    is coördinator van het vasculitiscentrum en
    speelt een centrale rol in de vasculitiszorg.
    “Ik ben direct betrokken bij de vasculitiszorg
    en zit tevens wekelijks het multidisciplinair
    overleg voor; aangezien vasculitis een
    multiorgaanaandoening is, komen veel van
    deze patiënten dan ter sprake.” Brouwer tot
    slot, is reumatoloog en internist in het UMC
    Groningen en is gespecialiseerd in vasculitis
    van de grote vaten. Ze is coördinator van
    het Groningse zorgpad vasculitis van de
    grote vaten en cerebrale vasculitis. Ook in
    Amsterdam richt het zorgpad zich vooralsnog
    tot de vasculitiden van de grote vaten,
    ofwel reuscelarteriitis (GCA) en takayasu-arteriitis.
    Zowel in Groningen als Amsterdam
    wordt ook gewerkt aan het zorgpad voor
    vasculitis van de kleine vaten. Burgemeister:
    “Dat is nog veel gecompliceerder, omdat het
    diverse aandoeningen betreft met betrokkenheid
    van meerdere organen en dus diverse
    orgaanspecialismen.”
    In het zorgpad is het hele zorgproces in
    diagramvorm weergegeven, en maakt duidelijk
    wie wat, waar en wanneer moet doen en
    wie welke verantwoordelijkheden draagt. Hak:
    “We beschrijven feitelijk de huidige stand van
    zaken bij de zorg, om die daardoor eenduidiger
    te maken en te optimaliseren.” Zaken die
    ‘eraan gehangen’ worden zijn bijvoorbeeld
    behandelprotocollen en voorlichtingsmaterialen,
    waarnaar kan worden doorgeklikt.
    Geoormerkte collega’s
    Brouwer stelt dat het zorgpad ertoe bijdraagt
    de nodige kennis bij alle mogelijke betrokken
    specialismen te verhogen, van oogarts tot
    radioloog. “Het team moet een bepaald niveau
    hebben en kennis van de state of the art bij
    vasculitis. Het zorgpad helpt ‘geoormerkte’
    collega’s te krijgen, die daardoor breder inzetbaar
    zijn”, zoals ze het uitdrukt. “De uitdaging
    is om deze kennis daarna ook weer te delen,
    namelijk met centra in de periferie; in ons
    geval in Leeuwarden en Emmen bijvoorbeeld,
    al hebben we zelfs weleens patiënten uit
    Brabant en Zeeland. Het zorgpad en de kennis
    daarin biedt de kans om voor een deel van
    de patiënten met vasculitiden een model te
    ontwikkelen voor gezamenlijke zorg, nadat in
    het UMCG een diagnose en behandelplan zijn
    opgesteld. Alleen de echt complexe patiënten
    – en de patiënten uit de buurt – blijven we dan
    hier in Groningen behandelen.” Hak vult aan:
    “In het AMC hebben we een ander doel: logistiek
    optimaliseren van de lokale zorg, met in
    een later stadium eventueel uitbreiding naar
    andere centra.”
    Brouwer benadrukt dat vasculitiden zoals die
    in de handboeken worden beschreven, zich
    maar zelden precies op dezelfde manier manifesteren
    in de praktijk. “Iedere patiënt is weer
    anders. Het is daarom zaak de individuele
    patiënt zo goed mogelijk in kaart te brengen,
    de ziekte en de betrokken organen enzovoort,
    om snel te kunnen bepalen hoe je nu juist die
    patiënt op dat moment zo goed mogelijk kunt
    behandelen.”
    Neuzen dezelfde kant op
    Het zorgpad verbetert de zorg vooral door
    het beleid ten aanzien van de diagnostiek,
    Kennis delen en zorg verbeteren met zorgpad
    Grote Vaten Vasculitis
    Websites voor meer informatie
    Het delen van kennis in zorgpaden komt de zorgkwaliteit zeker ten goede, zo is het idee.
    Daaraan levert het internet uiteraard zijn bijdrage. In Amsterdam is het zorgpad toegankelijk
    voor zorgverleners binnen het AMC; op de website www.vasculitisamsterdam.nl
    staat algemene informatie over het vasculitiscentrum. Het Vasculitis Expertise Centrum
    Groningen heeft eveneens een website: www.vasculitiscentrum.nl. Brouwer verontschuldigend:
    “Aan deze site moet nog veel verbeterd worden, en hij moet vooral up-to-date
    blijven. Het begin is er.”
    Dr. E. Brouwer, reumatoloog, UMC Groningen
    Reumatologen dr. L.T. Burgemeiser (links) en dr. A.E. Hak, beiden werkzaam als reumatoloog in het AMC in Amsterdam
    “Het team moet een bepaald niveau
    hebben en kennis van de state of the art bij vasculitis”
    MEDIDACT | Reumatologie 13
    Van gerontoreumatologie tot transitiepoli
    behandeling en follow-up eenduidiger te
    maken, aldus Burgemeister: “Het doel is consensus,
    alle neuzen dezelfde kant op.” Dat
    begint al bij de diagnose. Hak: “Een delay in
    de diagnose is bij vasculitiden – met name
    reuscelarteriitis van de grote vaten (LV-GCA)
    en takayasu-arteriitis
    – vaak een probleem. Dit
    is een van de zorgaspecten die het zorgpad
    indirect kan helpen verbeteren, door bij alle
    mogelijke betrokken specialismen meer
    kennis en awareness
    te kweken. Een snelle
    diagnose is wenselijk, want bij een verkeerde
    of late diagnose is er een grotere kans op complicaties,
    zoals orgaanschade. Tijd is kwaliteit.”
    Burgemeister: “Het zorgpad definieert ook de
    plaats in het diagnostisch proces van de verschillende
    beeldvormende technieken: echografie,
    PET-scan enzovoort, hetgeen behulpzaam
    is bij het nemen van beslissingen.”
    Een zorgpad is geen richtlijn, maar er worden
    stappen in zowel diagnostiek, behandeling en
    follow-up uiteengezet. Burgemeister noemt
    een voorbeeld: “Bij GCA was voorheen eigenlijk
    alleen prednison een optie, eventueel aangevuld
    met een DMARD zoals methotrexaat.
    Maar sinds de GiACTA-studie weten we dat
    ook tocilizumab een goede behandeloptie
    is, die weliswaar nog niet officieel is geregistreerd,
    maar offlabel al wel wordt gegeven.1 In
    het zorgpad definiëren we de inzet van zo’n
    behandeling: wat controleer je, hoe vaak doe
    je dat, waar moet je op letten enzovoort.” Ze
    vervolgt: “Het zorgpad helpt bijvoorbeeld ook
    meer duidelijkheid scheppen over de manier
    waarop je patiënten volgt om vaatschade te
    voorkomen en te beperken – iets waarover
    nog veel onduidelijkheid bestaat.”
    Dynamisch document
    Alle drie de artsen benadrukken het dynamisch
    karakter van het zorgpad. “De inhoud
    is voortdurend aan verandering onderhevig
    op basis van voortschrijdend inzicht”, aldus
    Burgemeister, die enkele recente voorbeelden
    geeft. “De rol van methotrexaat als
    prednisonspaarder is groter geworden bij
    GCA. Vroeger gaf je pas na meerdere flares
    een DMARD als prednisonspaarder erbij. Nu
    is methotrexaat eerste keus, al bij de eerste
    flares. Bij een hoge kans op prednisontoxiciteit,
    bijvoorbeeld bij patiënten met diabetes,
    start je methotrexaat zelfs meteen.” Een
    ander voorbeeld betreft de inzet van plaatjesaggregatieremmers
    bij arteriitis temporalis:
    “Daar zijn zeer tegenstrijdige data over. We
    hebben opgenomen dat je ze kunt overwegen.
    Zodra hierover meer duidelijkheid is,
    passen we het aan.”
    Ook Brouwer ziet veel nieuwe ontwikkelingen,
    bijvoorbeeld in beeldvormende technieken
    als de echo en de PET/CT, waarmee de bloedvaten
    steeds beter afgebeeld en geëvalueerd
    kunnen worden. Of het integreren van biomarker-,
    DNA- en RNA-onderzoek met klinische
    data in de praktijk. “De kennis neemt in
    rap tempo toe. Zodra je die in het zorgpad
    verwerkt, is dat bij wijze van spreken al weer
    verouderd.”
    Referentie
    1. Stone JH, Tuckwell K, Dimonaco S, et al. Trial of
    Tocilizumab in Giant-Cell Arteritis. N Engl J Med.
    2017;377:317-28.
    Drs. M. Tent, wetenschapsjournalist
    PersonenLiesbeth Brouwer