Stunt BNN krijgt vervolg in jongerenpartij LEF

    Pers / media: OnderzoekPopular

    Description

    Die doelgroep lijkt kansrijk, maar daar past een relativering. ‘De potentiële doelgroep is voor iedere nieuwe partij groot, namelijk 12,5 miljoen kiezers’, zegt Gerrit Voerman van het Politiek Documentatie Centrum Groningen. Nederland kent een lage kiesdrempel (namelijk de kiesdeler, één honderdvijftigste deel van het aantal uitgebrachte stemmen) die het relatief makkelijk maakt om met een nieuwe partij in de Tweede Kamer te komen. Voorbeelden van belangenpartijen uit het verleden zijn bijvoorbeeld de ouderenpartijen AOV en Unie 55+, die in 1994 met respectievelijk zes en een zetel in de Kamer kwamen. ‘Maar die voldeden aan twee klassieke voorwaarden’, zegt Voerman: ‘Er was een probleem dat urgent was in de ogen van veel kiezers en er deed zich een gunstige gelegenheid voor.’ Zo leek het CDA in 1994 te willen gaan morrelen aan de AOW. Veel ouderen voelden zich slecht vertegenwoordigd. Twee ouderenpartijen kwamen daarop in de Kamer. ‘Zo gaf het CDA die nieuwe partijen een kans’, zegt Voerman. ‘Iets vergelijkbaars heeft zich voorgedaan bij de PSP, eind jaren vijftig. Tijdens de Koude Oorlog was er een gat in de markt voor mensen die niet verder wilden met een wapenwedloop. Of de Partij voor de Dieren; die kwamen met een heel nieuw issue waar veel mensen bezorgd over bleken te zijn.’ Doordat ze voortkwamen uit bezorgdheid, hadden die partijen ook al automatisch een begin van een programma. ‘Deze nieuwe nieuwe jongerenpartij echter begint aan de andere kant: eerst een partij en bekendheid, dan zoeken naar een programma’, zegt Voerman. ‘Het is een gekunstelde opzet. Het valt maar te bezien of veel jongeren zin hebben hun stem te geven aan een BNN-stunt.’
    Periode28-apr-2010

    Mediabijdrages

    1

    Mediabijdrages