De beteekenis der persoonsnamen voor onze kennis van het leven en denken der oude babyloniërs en assyriërs

Berend Gemser

Onderzoeksoutput

139 Downloads (Pure)

Samenvatting

a. Antiek Naamsbegrip. Als GOETHE in de Faust den hoofdpersoon, sprekende met Margarete in Marthe's tuin over God, zeggen laat: "Nenn es dann, wie du willst,.... Gefühl ist alles; Name is Schall und Rauch, umnebelnd Himmelsglut", dan is dit modern en niet antiek gevoeld. Voor den mensch van de Oudheid is de naam niet iets, dat de zaak verbergt, "umnebelt" doch dat haar openbaart; een deel, een straal van de "Himmelsglut". Het antwoord, dat verwacht wordt op de vraag:"What's in a name?" (W.SHAKESPEARE, Romeo and Juliet II 2, regel 42-52) "immers niets!", zou die mensch niet verstaan. ... Zie: Inleiding
Originele taal-2Dutch
KwalificatieDoctor of Philosophy
Begeleider(s)/adviseur
  • de Liagre Böhl, H, Supervisor, Externe Persoon
Datum van toekenning16-okt-1924
Plaats van publicatieWageningen
Uitgever
StatusPublished - 1924

Citeer dit