190 Downloads (Pure)

Samenvatting

Het doel van dit onderzoek is geweest de bestudering van de bijdrage die de hedendaagse psychiatrie aan de reclassering van met de justitie in aanraking gekomen delinquenten kan leveren. In de inleiding wordt erop gewezen hoe de reclassering zich in ons land heeft ontwikkeld van een persoonlijk initiatief van enkele mannen, begaan met het leed der gevangenen, tot forensisch-maatschappelijk werk zoals wij dit heden kennen. Hoofdstuk 1 geeft historische aantekeningen betreffende de ontwikkeljng van de reclassering in Nederland sedert de oprichting van het Nederlands Genootschap tot Zedelijke Verbetering der Gevangenen in 1823 tot heden. Bij dit overzicht kon veelal gebruik gemaakt worden van de uitvoerige studie van VAN BEMMELEN (1923) en het boek van KEMPE (1958). Het jaar 1904 blijkt beslissend te zijn voor de gehele verdere reclasseringsarbeid in ons land. Van dat jaar af kregen nl. het "Genootschap", de stichting "Het Hoogeland" en het "Leger des Heils" subsidie van de overheid. Met deze subsidiering kunnen wij van een nieuwe etappe in het reclasseringswerk spreken; de conscquentie hiervan was dat in 1910 de eerste bezoldigde reclasseringsambtenaar werd aangesteld. De invocring van de voorwaardelijke veroordeling en van de politierechtspraak gaf aan het reclasseringswerk nieuwe impulsen; door de nieuwe mogelijkheid van ~oorwaardelijke veroordeling bestond bij de rechter meer behoefte aan voorlichting, terwijl de nazorg grotere betekenis kreeg, te meer daar de nazorg sedertdien zich ook uitstrekt tot clienlen die niet in de gevangenis hadden gezeten. Ten aanzien van de rechtspleging gaven de strafwetgeving van 1886 de invoering van de kinderwetten, in werking getreden in 1905, de uitbreiding van de voorwaardelijke invrijheidstelling en tenslotte de in 1928 in werking getreden psychopatenwetten nieuwe impulsen aan de reclassering. Een nieuwe mijlpaal werd bereikt met de invoering van de tweede beginselenwet van 1951; centraal voor deze wetgeving moet artikel 26 worden gezien: "Met handhaving van het karakter van de straf of maatregel wordt hun tenuitvoerlegging mede dienstbaar gemaakt aan de voorbereiding van de terugkeer der gedetineerden in het maatschappelijk leven." Hiermede was de wettelijke grondsJag gelegd voor de resocialiserende taak van de gevangenis. Ten aanzien van het inrichtingswezen was de opening van het eerste "Psychopatenasiel" te Leiden in 1928 van grote betekenis; vervolgens kwamen de rijksasiels en andere, ook particuliere inrichtingen ter verpleging en behandeling van psychisch gestoorde delinquenten, zoals o.a. in Utrecht, Lunteren, Groningen en Nijmegen. Tenslotte wordt een kort overzicht gegeven van de ontwikkeling van de psychiatrie in de afgelopen ISO jaar. Ondanks de bevrijdende gedachten van o.a. PINEL en CONOLLY, die mede het moderne tijdvak der psychiatrie inleidden, werd de ontwikkeling gedurende vele jaren geremd door de langdurige strijd tussen de "psychici" en de "somatici", van wie als de belangrijkste vertegenwoordigers HEINROTH en GRIESINGER moeten worden gezien. Voor de verdere ontwikkeling van de psychiatrie, vooral omtrent de eeuwwisseling, moet met name genoemd worden de Franse school (JANET, CHARCOT e.a.). Daarna het werk van KRAEPELIN en FREUD. Na J920 is van grote betekenis geweest het werk van JASPERS, de grondlegger van een daarna in betekenis toegenomen fenomenologische mensbeschouwing in de psychiatrie, die in · L. BINSWANGER en E. STRAUS tot een nieuw hoogtepunt zou komen. Tenslotte kan worden genoemd de nog voortdurende integratie tussen klinisch-psychiatrische en psychoanalytische zienswijzen. Ten aanzien van de ontwikkeling van de forensische psychiatrie heeft het werk van de criminoloog LOMBROSO, die als eerste de criminele mens tot onderwerp van wetenschappelijk onderzoek heeft gemaakt, grote betekenls. Sedert KOCH zijn boek over "Die psychopathischen Minderwertigkeiten" publiceerde, kreeg het psychopatie-begrip grotere betekenis en werd dit begrip voor vele onderzoekers quasi synoniem met asociaal gedrag. Mede door het werk van KURT SCHNEIDER leefde gedurende vele jaren in de psychiatrie het denkbeeld van de "constitutioneel minderwaardige psychopaat". Voornamelijk na de tweede Wereldoorlog bleek, mede door onderzoekingen van BOWLBY, dat het niet langer mogelijk is om het beeld van de psychopatie als ziekte-eenheid te beschouwen, maar dat de zgn. psychopatie meer een syndroom is met zeer vcrschilJende etiologie. Onderzoekingen van 0 .01. LAMPL-DE G;WOT, KUIPER en PARIN hebben in de laatsle jaren nieuwe denkbeelden geopperd omtrent de persoonlijkheidsstructuur van zgn. psychopaten; Hart de Ruyter leverde een belangrijke bijdrage omtrent het ontstaan en de behandeling van de zgn. ontwikkelingspsychopatie. Na de tweede Wereldoorlog was het vooral het werk van BAAN, waardoor de forensische psychiatrie in Nederland verder' tot ontwikkeling kwam. Tenslotte wordt aan het eind van hoofdstuk I een korte beschouwing gewijd aan de in opkomst zijnde forensische psychologie.
Originele taal-2Dutch
KwalificatieDoctor of Philosophy
Datum van toekenning20-sep-1967
Plaats van publicatieGroningen
Uitgever
StatusPublished - 1967

Citeer dit